Vloerkleed schoonmaken per materiaal: wol, katoen, jute en synthetisch

0 Shares
0
0
0

Je knoeit een glas rode wijn op je vloerkleed en grijpt meteen naar een natte doek. Logisch, toch? Toch kan die ene onhandige beweging een jutekleed permanent ruïneren, of een wollen kleed doen krimpen tot de helft van zijn formaat. Het materiaal van je kleed bepaalt alles: wat je gebruikt, hoe je veegt, hoe nat het mag worden en of de stofzuiger überhaupt een optie is. Wij van Netjes.nl zien het regelmatig misgaan, puur omdat mensen ervan uitgaan dat een kleed gewoon een kleed is. Dat is het niet.

Stap 1: bepaal het materiaal via het label

Draai je kleed even op. Op de onderkant, of soms langs de zijkant, zit een label met materiaalaanduiding en onderhoudssymbolen. De vier meest voorkomende materialen zijn wol, katoen, jute en synthetisch (zoals polyester, polypropyleen of nylon). Weet je het niet zeker? Voel dan aan de vezels: wol voelt zacht en licht veerachtig, katoen is gladder en koeler, jute heeft een ruwe, strogele structuur en synthetisch voelt vaak licht plastiekachtig of glad aan.

Dit is echt de moeite waard om even te doen. De reinigingsmethode die perfect werkt op een polypropyleen buitenkleed kan een wollen tapijt voorgoed beschadigen.

Wol: zorgvuldig, maar niet moeilijk

Wol is een levende vezel die reageert op warmte en wrijving. Te heet water, te veel wrijving of uitwringen zorgt voor krimp of viltvorming, en dat is niet terug te draaien.

Voor dagelijks onderhoud stofzuig je een wollen vloerkleed met een zachte borstelkop, in de richting van de pool. Dit is onderdeel van goed vloerschoonmaak onderhoud. Gebruik nooit een borstelkop met harde tanden: die trekken aan de vezels.

Kleine vlekken pak je aan met de deppertechniek: neem een schone witte doek, dompel die in handwarm water met een kleine hoeveelheid neutrale zeep (denk aan babyshampoo of een wolwasmiddel), en dep van buiten naar binnen. Nooit boenen, nooit wrijven. Spoel daarna met een schone, licht vochtige doek uit en laat het kleed vlakliggend drogen op een geventileerde plek.

Bij hardnekkige vlekken zoals rode wijn, bloed of ingevette vlekken die al ingedroogd zijn: leg er direct een droge doek op om het vocht op te nemen, en ga dan pas deppend te werk. Kom je er niet uit, of gaat het om een groot vlak, dan is de stomerij de verstandige keuze. Een grondige reiniging van een groot wolkleed doe je maximaal één keer per één tot twee jaar, afhankelijk van gebruik.

Katoen: kijk goed naar het label

Katoenen kleden zijn over het algemeen toegankelijker dan wollen. Kleinere exemplaren, denk aan een badmat of een klein woonkamertje, zijn vaak machinewasbaar. Maar het label vertelt je precies wat de grens is: 30 graden is in de meeste gevallen het maximum. Was je warmer, dan krimpt het kleed of vervaagt de kleur.

Wat het label je soms niet vertelt: of er ook andere vezels zijn ingeweven. Een katoenmix met 15 procent synthetisch reageert anders dan puur katoen. Bij twijfel: lager is veiliger.

Vlekken op katoen verwijder je met koud water en een milde zeep. Gebruik geen warm water bij verse vlekken, want dat zet eiwitvlekken (bloed, melk) juist vast. Droog een katoenen kleed bij voorkeur plat of hangend buiten, niet in de droger. De combinatie van hitte en mechanische beweging in een droger is een garantie voor krimp.

Tussen de wasbeurten door geef je een katoenen kleed een regelmatige stofzuigerbeurt met een vlakke zuigmond. Klop het kleed ook af en toe buiten uit, maar doe dat zachtjes, niet op harde tegels.

Jute: water is je vijand

Jute is het meest kwetsbare materiaal van de vier. Het is een plantaardige vezel die van nature vocht absorbeert en bij nat worden kan gaan rotten, krimpen of van kleur verschutten. Voorzichtigheid is hier echt op zijn plaats.

Voor regulier onderhoud gebruik je een zachte bezem of de zwakste stand van je stofzuiger, zonder borstelkop. Jute vezels zijn fragiel: te veel zuigkracht trekt de structuur kapot. Veeg altijd mee met de richting van de vezels.

Is er een natte vlek gevallen? Handel dan direct. Dep de vloeistof op met droog keukenpapier of een droge doek, zonder te wrijven. Laat het daarna zo snel mogelijk drogen, bij voorkeur met een ventilator erbij. Gebruik nooit een natte doek om de plek schoon te vegen, want dan vergroot je het natte oppervlak alleen maar.

Droge vlekken of stof verwijder je met een droge borstel. Er zijn ook droge tapijtreinigingspoeders beschikbaar die je instrooit, even laat inwerken en daarna uitveegt. Dit werkt redelijk goed op jute zonder dat je water nodig hebt.

Een jutekleed heeft geen grondige natte reiniging nodig. Doe je dat toch, dan richt je schade aan. Houd het bij droog onderhoud, een paar keer per jaar intensief, en reinig het alleen als het echt nodig is.

Synthetisch: de makkelijkste categorie

Kleden van polyester, polypropyleen of nylon zijn gemaakt om het leven makkelijker te maken. Ze zijn slijtvast, kleurbestendig en verdragen vocht veel beter dan de andere materialen. Veel buitenkleden zijn van polypropyleen en kunnen zelfs met een tuinslang worden afgespoeld.

Vlekken op synthetische kleden verwijder je makkelijk met een beetje afwasmiddel verdund in water, een zachte borstel en wat geduld. Dep en wrijf lichtjes, spoel goed uit met schoon water en laat drogen. Voor grotere schoonmaakbeurten kun je het kleed een periodieke beurtspoeling geven, iets wat bij wol of jute een ramp zou zijn.

Wat je niet moet doen: agressieve schoonmaakmiddelen met bleek of aceton gebruiken op synthetische vezels. Die tasten de coating of kleur aan. Ook een stoomreiniger is af te raden: de combinatie van hitte en druk kan synthetische vezels vervormen.

Een synthetisch kleed stofzuig je gewoon wekelijks, met een normale zuigmond. Een grondige reiniging is afhankelijk van gebruik, maar een paar keer per jaar volstaat voor de meeste huishoudens.

Fouten die elk materiaal schaden

Los van het materiaal zijn er een paar fouten die wij keer op keer tegenkomen. Ten eerste: te nat maken. Een kleed dat diep nat wordt, droogt langzaam, en in die tussentijd kunnen er schimmel of geurtjes ontstaan, ongeacht het materiaal.

Ten tweede: de verkeerde zuigkop. Een draaiende borstelkop is prima op gladde vloeren, maar haalt de pool van kleden los. Gebruik een vlakke zuigmond of schakel de borstelrol uit.

Ten derde: te hard boenen. Je denkt de vlek sneller weg te krijgen, maar je verspreidt hem en beschadigt de vezels. De deppertechniek is altijd beter dan boenen.

Zie je pluizen, slijtplekken of een veranderde structuur na het reinigen? Dat zijn signalen dat je methode te agressief was. Stop dan meteen en pas aan.

Het materiaal van je vloerkleed bepaalt hoe je het schoonmaakt, niet andersom. Wol behandel je rustig en koel, katoen kun je voorzichtig en op lage temperatuur wassen, jute houd je zoveel mogelijk droog en synthetisch verdraagt meer, maar ook niet alles. Ken je het materiaal van je kleed, dan hoef je nooit meer te gissen bij een vlek. Dat bespaart je niet alleen een beschadigd kleed, maar ook de ergernis van een vlek die je er per ongeluk dieper in hebt gedept.

0 Shares
Ook interessant